Danne

“Ik zen nie Jezus en ik heb geen Alzheimer!”

30 graden buiten en onze honden moeten afkoelen, we gaan zwemmen in de Kooldries. Na het zwemmen is het tijd voor crème glace. Eén bolletje pistache en één bolletje stracciatella op een hoorntje en twee potjes met elk een bolletje vanille. We likken onze crème op op de parking van de ijsboerderij.

Een man met een zwarte marcel, korte zwarte broek en een wandelstok komt naar ons toe gewandeld. Tattoos rond zijn beide armen en eentje op de rechterkant van zijn gezicht. Hij draagt twee as-juwelen en een Mercedes-sleutel rond zijn nek. Hij vraagt naar het ras van onze honden en of hij ze gedag mag zeggen. Er volgt een verhaal over zijn twee Amerikaanse Bully’s die hij niet lang geleden heeft moeten afgeven, ze werden 14 jaar. Hij praat aan één stuk door. Later zou ik leren dat zijn nieuwe naam Dan (Danne geschreven) is.

Hij zegt dat hij al 15 maanden in zijn auto woont. Ik wijs naar een mobilhome die op de parking staat maar hij wijst met zijn stok richting een Mercedes Vito. Mijn gedachten gaan alle kanten uit en ik merk het pakje natte doekjes en een washandje in zijn handen.

Ik hoor Sofie zeggen dat het veel te warm wordt in de auto en ik zeg tegen de man: “ik moet door, mijn honden zitten in de koffer”.

Hij blijft in mijn gedachten hangen. Ik rijd terug, waarom weet ik niet. Ik zie zijn zwarte Vito in de verte al staan, de ramen staan open en zijn stok ligt aan de bestuurderszijde op de grond. Ik wandel richting het open raam, de zetel ligt plat, het is bloedheet in die auto. Ik bied aan samen iets te drinken op het terras van de ijsboerderij, hij zegt “heel graag”.

Wat volgt is een samenvatting van een leven doorleefd met pijn, passie, hard zijn, wantrouwen, criminaliteit, discipline.

“Ik leef al heel mijn leven met een rage in mij”

Eén van de eerste dingen die hij tegen mij vertelt is dat zijn ouders beide grove narcisten waren en dat zijn vader in de kast zat. “Ik heb dat mogen weten vanaf mijn vier jaar”. Zijn moeder nam het nooit voor hem op. Zijn verhaal valt uiteen terwijl hij het vertelt.

“Ik ben nog police geweest, bij de mobiele van Antwerpen”. Aan de grond genageld slurp ik van mijn koffie, dees kan nie…  Collega’s, ex-collega’s, hij deed de job 25 jaar ik 12 jaar.  

Blijkbaar is één van mijn ex-collega’s een ex-vriendin van hem, hoe hij haar beschrijft zie ik ze zo voor mij. Rood haar, aerobics lerares en in zijn ogen toen een beetje losgeslagen. Ze had twee kinderen van twee verschillende mannen.

Wanneer ik zijn ex-vriendin voor het eerst ontmoette was dat aan het prille begin van mijn carrière, ik deed stage in de afdeling waar ze werkte. Ik herinner me nog dat ze vertelde over de heroïnehoertjes van de Atheneumbuurt en hoe ze het niet meer aankon om in die tijd regelmatig een meisje te verliezen. Eentje werd kapot geslagen door een doorgedraaide klant die een grap over zijn lid niet kon verkroppen of ééntje die zomaar werd doodgestoken, met in de veertig messteken, gewoon omdat ze de straat deed.

De dader van die laatste feiten, werd later door Danne aangepakt, op de “snelrecht” manier die in mijn tijd bij de politie niet meer kon, of toch veel minder. Laat ons zeggen dat de dader toen wist wat halfdood was.

Jaren later kwam ik haar opnieuw tegen, doordat ik haar plaats innam bij de cel prostitutie. Zij ging het rustiger aandoen, ze stond op een paar jaar van haar pensioen. Ik kwam net kijken en door haar verhalen tijdens mijn stage wisselde ik haar hier nu af.  

Op zijn vier jaar werd hij door zijn vader bij zijn vestje gegrepen en door de koepel gesmeten. Hij kwam met zijn hoofd en heup op een richeltje terecht. De schedelbreuk die hij toen opliep zorgde voor de rest van zijn leven voor hoofdpijn en hij is ervan overtuigd dat hij tics ontwikkelde door die impact op zijn hoofd.

Op zijn vijf jaar flatlined hij gedurende enkele minuten, de dokter verklaarde hem dood. Zijn tante weigerde dat te aanvaarden! Wanneer ik naar de oorzaak vraag zegt hij “ anafylactische shock door een allergische reactie op vis”. De vis werd hem door zijn ouders in de strot geduwd.

Op zijn negen jaar bloedde hij zo hard uit zijn rectum dat hij van school naar het ziekenhuis gebracht waar hij een spoedoperatie onderging. Wanneer hij wakker werd stond zijn grootvader in zijn kamer in gezelschap van twee politieagenten. Zijn vader deed een aantal jaren bak, al weet hij niet zeker of de aanleiding, het seksueel misbruik was. Danne vertelde de politie niets, zijn moeder wachtte thuis op hem… Hij rond dit hoofdstukje af met te zeggen “ik weet één ding, het smaakt zout”.

Ook rond zijn negen jaar, ziet hij op straat iemand lopen in een GI, geen kimono een Gi. Hij volgt hem naar de Dojo en op dat moment verandert hij. ’s Nachts traint hij in het geniep en hij gaat regelmatig naar de Dojo, zijn vader verbiedt het. Jongens worden groot…

Op zijn vijftien slaat hij zijn vader half dood. Een mens heeft 206 botjes is zijn lichaam, wanneer hij van zijn vader werd afgesleurd moest hij nog aan de achterkant beginnen.

Hij gaat bij de politie rond zijn tweeëntwintigste en wordt deel van de mobiele eenheid. Hij is fier op zijn uniform en neem zijn plek bij de politie serieus. Ondertussen groeide zijn fascinatie voor gevechtsport en een gespierd lichaam. Hij moet in die tijd een tank geweest zijn. De manier waarop hij nu nog over zijn lichaam van toen vertelt straat trots uit.

Een aantal jaren later huwde hij en dat huwelijk liep op de klippen. Zijn vrouw wilde scheiden en hij had geen geld voor een advocaat. Ergens tussen de scheiding en de gevechtsporten, werd hij portier bij onder andere de Zilion, Hij moest extra geld verdienen om de scheiding te betalen. Aan de Zillion werd hij opgepakt en vloog hij drie maanden naar de Begijnenstraat. De feiten hadden te maken met anabolen. Hij had een hernia, twee hernia’s en de spieren rond zijn ruggengraat moesten aansterken. Ik leer dat in die tijd anabolen werden voorgeschreven door de dokter, 1 tablet om de 3 uur en een doosje van 20 tabletten koste 6 Frank. Op zijn voorschrift stond “naar believen”, Danne kocht heel de apotheek leeg.

Het is me niet helemaal duidelijk of hij na de gevangenis nog terugging naar de politie, al zou me dat niet verbazen. Hij maakt een sprong in zijn verhaal naar het heden naar de reden van zijn 15 maanden op straat leven. Hij had een appartement in Oost-Vlaanderen dat hij huurde voor iets meer dan 600 euro. Hij kon hier comfortabel leven van zijn pensioen. Samen met zijn twee bully’s leidde hij er naar eigen zeggen een rustig en stabiel leven, tot hij in conflict raakt met de huisbaas. Het stuk waarom hij exact moet vertrekken ontgaat me, of dat vertelt hij niet. Wat wel zeker is, is dat hij vanaf dan met zijn twee Bully’s in zijn Vito verder moet. Heel zijn hebben en houwen zit in een storage, enkel zijn twee honden blijven dicht bij hem. Maar niet dicht genoeg, Danne steekt de dood van zijn “meisje” op het feit dat ze achter in de Vito sliep samen met haar broer. Ze waren het 14 jaar gewoon om samen in één bed te slapen, volgens Danne stierf ze van verdriet, ze dacht dat hij haar niet meer graag zag. Twee weken later stierf zijn “manneke” aan een maagzweer. Hij verloor zijn twee kinderen op twee weken tijd en dat is nu nog altijd heel rauw.

Nu zoekt hij radeloos naar een gelijkvloers appartement, hij klopte al aan bij het OCMW. Doordat hij invalide is heeft hij een gelijkvloers nodig en hij kreeg van het OCMW de boodschap dat dat hopeloos is…

Ik moet door Danne, mag ik nog een paar foto’s van u maken? Het valt me nu pas op hoe groot Danne is, ik ben één meter zevenen tachtig en hij is nog een stuk groter dan ik. Valt me dit op om wat hij me allemaal heeft verteld of wandelt hij groter omdat hij het heeft verteld?

Wat heb jij nu het dringendste nodig?  “Een douche”, en ik wil hem dat aanbieden maar hoe overtuig ik mijn vriendin hiervan…

Ik rij naar huis en Sofie zit op me te wachten “van waar komde gij” “ik was echt ongerust” “nog een half uur en ik had u komen zoeken”. We moeten samen nog weg vanavond, eten nog snel iets en ik neem een douche...

Next
Next

Willy & Rita